Geplaatst door: 
Verhaal

Herman Holstege: 'Ergens vond ik het ontvangen van gasten toch mooier dan het boerenwerk'

'In 1967 hebben we de boerderij verbouwd.  In die oude boerderij konden we niet uitbreiden. Er konden maar zes koeien staan. Het hele achterhuis is toen afgebroken. Er is een nieuwe stal gekomen. Later is er een nieuw woonhuis gekomen. In de stal konden een stuk of tien koeien. In die tijd hebben we ook een melkmachine gekocht. Dan ging ik met de vrouw in de zomer op de weidewagen naar het land om te melken. Ja, wij wilden wel vooruit. Ik was de eerste in de hele buurschap met een tractor: in 1956 hebben we een tractor gekocht. De boeren begonnen steeds meer uit te breiden. Ze probeerden grond bij te kopen. Wij zaten op een gegeven moment op tien hectare. Dat was toen eigenlijk al aan de kleine kant.

Beginjaren ‘70 is de snelweg hier gekomen. Ze hebben er 4 à 5 jaar aan gewerkt. Het personeel dat daaraan werkte, kwam hier vaak koffie drinken. Gelukkig kwam de weg net niet over onze grond te liggen. We zijn maar 25 vierkante meter kwijtgeraakt. Dat was het puntje van het weiland dat we er hadden liggen. Dat land lag wel aan de andere kant van de snelweg. We konden de koeien er niet meer naar toe brengen. Eerder liepen we er gewoon naar toe, een kilometer of 5. Door de weg konden we niet meer uitbreiden. Aan deze kant van de weg was geen land genoeg.

In 1976 zijn we met de koeien opgehouden. Aan een melktank hebben wij nooit gedaan. Het achterhuis hebben we direct verbouwd tot slaapzalen. Het voordeel was dat we de mensen eerder konden ontvangen. Voor die tijd moest je, als de koeien naar buiten waren, eerst de drijfmestkelder leegmaken en de stal schoonmaken. Het was half mei voordat de eerste gasten kwamen. Ze sliepen in de koeienstallen en aten op de deel. In 1987 is het hele achterhuis eraf geweest en hebben we een nieuw gastenverblijf gebouwd, met kamers voor vier of zes personen. We wilden eigenlijk het kampeerterrein uitbreiden, maar dat mocht niet van de gemeente. Ons bos ligt in een natuurgebied. We kregen geen toestemming voor een camping. Daarom hebben we ons gericht op de opvang van groepen.

Ergens vond ik het ontvangen van gasten toch mooier dan het boerenwerk. Je hebt meer contacten. Anders zit je zo alleen. Er is minder te beleven. Ik mag graag onder de mensen wezen; horen wat een ander te vertellen heeft. Ik had aangetrouwde familie in Elsenerbroek. Die man kwam hier nog wel eens. Hij zei: “Jij hebt het goed bekeken. Je bent er op tijd bij geweest, want je hebt een lange aanloopperiode nodig om klanten te winnen.” Kijk, je moet met mensen kunnen omgaan en je moet je omgeving mee hebben. Mijn schoonouders waren er toen al niet meer en mijn vrouw vond het prima. Ze heeft er ook hard aan meegewerkt, moet ik zeggen.'

Reacties