Geplaatst door: 
Verhaal

Henk Groenewold: 'Mijn opa werkte als zetboer voor de familie Palthe'

‘Mijn grootouders zijn hier in 1904 als zetboer voor de familie Palthe gekomen. De Borg Beuningen was eigendom van de familie Palthe, de textielbaronnen. Palthe zocht een zetboer voor zijn boerderij, iemand die leiding kon geven, want de boertjes uit de omgeving moesten er ook werken. Mijn grootouders kwamen uit Wilp en Voorst en hadden elkaar als boerenmeid en -knecht leren kennen. Na hun huwelijk zijn ze hiernaartoe gekomen. Mijn oma was nog maar 17 jaar; opa nog geen 20. Dat was voor die tijd nog wel een hele stap. Het was net alsof ze gingen emigreren. Je was een dag onderweg voordat je bij je familie was. 

Mijn opa ging dus aan de slag als zetboer voor de familie Palthe. Mensen uit de omgeving hielpen op het bedrijf. Alles moest nog met de hand gebeuren. Mijn opa had een stuk of tien, twaalf koeien en wat fokzeugen. Ze hadden een boerderij met een potstal ernaast. Daar werd iedere morgen de mest uit de stal ingegooid. Het jongvee liep er ook rond. Als je de mest eruit moest halen, zat het stampvast. Die potstal is nog intact gebleven tot de bouw van de nieuwe boerderij begin jaren ‘60.

Het voorhuis was vakantiewoning voor de familie. Je moest altijd voor ze klaarstaan. Opa reed ook de koets voor de familie. Als ze belden dan moest hij naar het station. Ook al was hij net op het land aan het ploegen, dan liet hij zijn werk achter en spande hij de paarden voor de koets. Op een gegeven moment zag Palthe geen brood meer in de boerderij. Er moest geld bij. Toen konden opa en oma het bedrijf pachten. Zo zijn ze voor zichzelf begonnen. Dat was rond 1908.

Mijn grootouders hebben hier vijf kinderen gekregen. Er was een tweeling bij, van wie er één is gestorven van de kou in dat oude huis. Die is doodgevroren. Dat is me toch wat! Mijn vader was van 1909. Toen hij vier jaar oud was, is mijn opa overleden door een ongeluk. Hij fietste met een mand vol eieren, is gevallen, kreeg het stuur in de maag en overleed aan een inwendige bloeding. Toen bleef opoe hier zitten met drie kinderen. Overgrootvader zei tegen zijn jongste zoon: “Ga jij er maar naar toe.” Zo is oma opnieuw getrouwd. Mijn tweede opa was dus een broer van de eerste, alleen vijf jaar jonger.

De relatie met de familie Palthe was goed. Meneer Palthe was nog wel een beetje sociaal aangelegd. In de oorlog kregen alle mensen die er aanklopten wat brandhout. Als ze het niet konden betalen, kregen ze het zo mee. Ooit hadden de Palthes bezittingen liggen van Denekamp tot Oldenzaal. Nu hebben ze niets meer. De borg is in 1953 verkocht aan Stichting Edwina van Heek. Zolang de oude mevrouw Palthe nog leefde, mocht ze op villa de Nieuwe Borg blijven wonen. Ze is heel oud geworden. Daar heeft de familie van kunnen meeprofiteren. Na haar overlijden heeft de familie de borg gekocht op basis van erfpacht. De kinderen en kleinkinderen komen nog regelmatig.’

Reacties